Categorie archief: Mildred Luijdjens

The Help, Kathryn Stockett

If you haven’t been able to see the film, don’t worry. It’s always a better idea to read the book first. And as usual, this book is so much better than the film. Not only because it’s more detailed and easier to follow, but also because you can actually look into the minds of the characters as you read the book.

The Help is based on a true story, about racism and apartheid in the US. And you might think this took place more than a hundred years ago. But the story is set in 1963, during the Civil Rights Movement with Martin Luther King.

And although it’s a very serious topic, some passages will really make you laugh.

Black housemaids, were treated almost the same way as when they were slaves. Except for the fact that they were getting paid. They worked many hours and hardly had any time to spend with their own families.

What I love about the book, is that it doesn’t portray a stereotyped picture of black and white people, hating eachother and living in their own seperate worlds. Though there was extreme hostility, prejudice and distrust between black and white people,  it wasn’t always that simple. The housemaids were not pitiful or humble at all. That was just the way they were trained. They were smart, confident and had their own opinion about life. 

While working in the homes of white families, many black maids became part of the family. In many cases, they loved the children they were taking care of, like their own. And white children spent so much time with the maids, that  they loved them even more than their own parents. Which means that black women played an important role in the upbringing of these white children. So how did that affect their thinking?

This book is about real women, with all their strengths and their weaknesses.

It teaches you that you don’t need to be a hero, to be able to change the world around you.

You don’t need money, power or  a higher education. You don’t even have to be popular or good looking. All you need, is determination to reach the goal that is ahead of you. And be willing to give up anything or anybody that stands in your way. Even if it hurts. 

It takes a lot of courage, but this book is a perfect example,  that it is possible to make way out of no way.  

Mildred Luijdjens

Bullets, Bara’s en Gewapend Beton

Over leven in de Bijlmer
door Mildred Luijdjens
 Broken glass everywhere
People pissin` on the stairs, you know they just don`t care
I can`t take the smell, can`t take the noise
Got no money to move out, I guess I got no choice
Rats in the front room, roaches in the back
Junkies in the alley with a baseball bat
I tried to get away but I couldn`t get far
`cuz a man with a tow truck repossessed my car

(Fragment Grand Master Flash,´The Message’)

Ik heb bijna dezelfde leeftijd als de Bijlmer. Geen moeilijke berekening voor wie weet dat de eerste flat opgeleverd werd in 1968.

Als pioniers in de flat Koningshoef zagen wij om ons heen, hoe de wijk uit de grond  werd gestampt, die tien jaar later wereldwijd bekendheid zou krijgen. Niet zoals beoogd: de functionele stad,  maar als onherbergzaam getto, vergelijkbaar met achterstandsbuurten in Parijs en New York. Zelf hadden we het er enorm naar ons zin.  We konden eindeloos spelen op de maaivelden.  En als iemand ons in 1971 had voorspeld dat het grootste deel van de wijk dertig jaar later tot de grond zou worden afgebroken, hadden wij daar smakelijk om gelachen. Er was namelijk niets mis met onze luxe, ruime vijfkamerflat met lift, verwarming, dubbele beglazing en balkon.

Masterplan

De Bijlmermeer moest een stad van de toekomst worden, gebouwd volgens de principes van de functionele stad. Een stad waarin wonen, werken, verkeer en recreatie ruimtelijk gescheiden zouden zijn. (Bron:Archief Stadsdeel Zuidoost)

“‘Hoe zit het eigenlijk met de veiligheid in de wijk?” vraag ik quasi bezorgd aan de mevrouw achter de balie van verkooppunt ZO!Wonen aan de Bijlmerdreef.  Ietwat geschrokken van de blik die ze mij toewerpt, val ik bijna uit mijn rol. Ik doe mij  voor als potentiële koper, maar dit is blijkbaar zelfs voor een buitenstaander geen intelligente vraag: “Ach, de verhalen die je hoort over de Bijlmer zijn allang achterhaald.  Het is bewezen dat het hier net zo veilig is als in andere delen van Amsterdam. Heel veel oud-bewoners zijn sinds de vernieuwing weer teruggekomen, hoor!” overtuigt ze mij.  Dan vraag  ik of er nog woningen beschikbaar zijn rond de € 200.000. De meeste woningen in die prijsklasse blijken al verkocht te zijn.  Er was zelfs sprake van lange wachtlijsten. Het enige project waarvoor ik mij nog kan inschrijven is de Kemper/ Nieuw Kempering, dat nog in aanbouw is. Verder zou ik nog in aanmerking komen voor een gerenoveerde woning in Nieuw Grubbehoeve. Hier is de flat zelf aangepakt, maar de woningen zijn nog exact gebleven zoals ze waren.  Een aantal projecten hebben vertraging opgelopen, mede door de kredietcrisis. Maar winkelcentrum Kraaiennest, vlakbij Nieuw Koningshoef, wordt binnenkort vervangen door de Kameleon, een geheel nieuw winkelcentrum aan de andere kant van de Karspeldreef.

Met een vrachtlading aan kleurrijke informatiefolders loop ik weer naar buiten.

Thuis aangekomen, lees ik dat er in tot nu toe al 4000 nieuwe woningen zijn gebouwd en 6.000 gerenoveerd.  Daar staat tegenover dat er totaal ca.6.500 hoogbouwwoningen worden gesloopt.

Het doel van de vernieuwing is om verschillen aan te brengen in de omgeving. Er is nu sprake van zowel hoog- als laagbouw, huur- als koopwoningen, arm als rijk, jong als oud,  wit als zwart in de wijk.  De vernieuwers werken niet vanuit een masterplan, maar zijn gewoon begonnen met het aanpakken van de meest problematische gebieden.  Stap voor stap gaat het verder en zo kan men gemakkelijk plannen aanpassen aan veranderende omstandigheden en wensen van bewoners. Zo mochten kopers en huurders van de buurt Mi Akoma di Color, samen met de architect om de tafel om hun eigen woning te ontwerpen.

Bij de renovatie zijn de binnenstraten en andere donkere hoeken onderin de flats bewust weggewerkt en vervangen door bedrijfsruimten, ateliers, kinderopvangcentra, kerkzalen en woningen met tuin.  Waar de functies in het oorspronkelijke plan gescheiden waren, wil men nu juist alles weer bij elkaar brengen.  Het leven moet terug naar de straat. Autowegen zijn omlaag gebracht en parkeergarages die hun oorspronkelijke functie door de jaren heen verloren hadden, zijn afgebroken. De auto staat weer gewoon voor de deur of, in sommige luxe gevallen, zelfs in inpandige garages. Of deze aanpak effectief is, meet men om de twee jaar aan de hand van de zogenaamde Bijlmermonitor. (zie onder)

Buren

Als half-Surinaamse kinderen waren wij rond 1970 een bezienswaardigheid  in de buurt.  Er woonden toen nog maar weinig donkere mensen in Nederland, waarvan circa 8000 Surinamers, verspreid over de grote steden.  En als we een keer niet gepest werden, vroegen mensen in de lift wel voorzichtig of ze ons haar even mochten aanraken. Er woonden wel veel allochtonen in de Bijlmer. Maar die kwamen uit Groningen en Limburg, of Duitsland en Italië.

Boven ons woonde Margit, met haar Oostenrijkse moeder en twee oudere broers.  Ondanks het feit dat anderen klaagden over verloedering en een chronisch gebrek aan voorzieningen, is dit gezin tot het bittere eind in hun geliefde Bijlmerflat blijven wonen.  Margit (47) woont inmiddels in Purmerend, maar: “Het is dat mijn moeder vanwege de sloop gedwongen was Koningshoef te verlaten, anders was ze daar tot haar dood gebleven.”  Ze heeft plannen om binnenkort terug te gaan naar de Bijlmer. ”Ik heb hier een heerlijke jeugd gehad. En ik ben hier nog vaak. Mijn man die uit Ghana komt voelt zich hier prima thuis, net als ik.”

Gliphoeve

Rond 1975 zagen wij een grote golf Surinaamse kinderen met hun (groot)ouders binnenstromen. Het ging totaal om 40.000 mensen, die geen vertrouwen hadden in de onafhankelijkheid van hun land. En omdat de meeste Nederlanders al door hadden dat de Bijlmer niet het paradijs was geworden wat men oorspronkelijk voor ogen had, raakte men de flats aan de straatstenen niet meer kwijt.  Daar maakten de nieuwe Nederlanders dan ook dankbaar gebruik van, door in de laatste serie leegstaande flats in de E-G buurt te trekken.  Als Nederlandse staatsburgers hadden Surinamers (en Antillianen) immers  recht op alle gebruikelijke voorzieningen.
Bryan Brown (37) was een van die kinderen. In 1974 kwam hij naar Nederland en betrok drie jaar later, met zijn oma en broers, een woning in het beruchte Gliphoeve. De flat, die nu Geldershoofd heet, had zo’n slechte naam dat men al in de 80-er jaren besloot hem een complete makeover te geven.  Alleen het bordje bij de gelijknamige kinderboerderij onderaan de flat, herinnert ons nog aan die tijd.
(zie foto 1)
Hoewel Bryan het erg gezellig vond bij oma, zijn de drie jongens kort daarna met hun ouders naar Echtenstein verhuisd.  Op die plek, althans waar  het gebouw vroeger stond, woont Bryan eigenlijk nog steeds.  Dat Brown zijn gevoel voor humor nog niet kwijt is, blijkt als ik voor de deur van zijn keurige nieuwbouwflat sta.  Want als ik aan wil bellen zie ik op het bordje, in plaats van zijn naam, in mooie zilveren letters: The King gedrukt staan.
”Mensen die op bezoek komen schrikken altijd als ze zien hoe mooi en rustig het hier is” zegt Bryan, terwijl ik het uitzicht bewonder.  ”Ze zeggen dat ik in een goed gedeelte van de Bijlmer woon. Maar hier vlakbij was vroeger het zwaar verwaarloosde winkelcentrum Ganzenhoef, waar veel junks rondhingen. Nu heet het Ganzenpoort en komen er elke zaterdag mensen van heinde en verre genieten van onze tropische markt, waar je allerlei exotische groenten en lekkernijen zoals broodjes pom, roti en bara  kan vinden.”
Ik herken de buurt bijna niet meer terug.  Het enige dat mij nog aan de oude Bijlmer herinnert, zijn de halfafgebroken flats aan de horizon, die grauw en grijs tegen de kleurrijke eengezinswoningen afsteken. (zie foto 2) Zelfs de straatnamen zijn nieuw en exotisch, waardoor ik als oud-bewoonster toch even moet zoeken.
Van zijn jeugd in Suriname kan Brown zich niets meer voor de geest halen.  Zijn vroegste herinneringen stammen uit de Gliphoeve tijd.  Waarover hij zeer te spreken is: “Ik was nog klein en ben me nooit bewust geweest van enig gevaar. Het was juist leuk, want er werden regelmatig kaartspellen gespeeld in de binnenstraat.
Sommige mensen storen zich aan mannen die in de zomer urenlang buiten zitten te kletsen met elkaar. Je kan het vergelijken met het verschijnsel hangjongeren.  Ik weet niet of dat typisch iets is voor de zwarte cultuur. Op elke vrouw hebben die mannen wel wat op of aan te merken, als ze tenminste een beetje mollig is. Maar dat hoort er gewoon bij. “
Op de vraag of Bryan zich ooit onveilig heeft gevoeld in de Bijlmer, antwoordt hij:         ”Nee. Ik heb pieken en dalen meegemaakt in de buurt, maar het is net hoe je er zelf in staat. Van criminaliteit heb ik nooit last gehad.  Rondhangende junks zie ik niet als een gevaar. De kans bestaat dat ze je autoruitje inslaan of je fiets stelen. Boeien! Je woont in Amsterdam, dus dan moet je gewoon zorgen dat je een goed slot hebt.  Junks krijgen de schuld van alles wat er misgaat, maar de grote criminaliteit wordt door hele andere mensen gepleegd. En die vind ik veel gevaarlijker.  Ik heb zelf ook een oom die verslaafd is, dus waarom zou ik daar moeite mee hebben? Ook als ik hier kinderen groot zou moeten brengen, zou ik dat geen punt vinden. Ik ben wel bang voor die dealers met hun mooie wagens. Niet vanwege de bullets, maar het is de schijn die zij opwekken. Ze hebben een veel sterkere invloed op de jeugd dan junks, want wie wil daar nu op lijken? Maar als je jong bent, zie je alleen de glitter en glamour en heb je nog geen idee van de gevaren die een criminele levensstijl met zich meebrengt.”
Minder Groen
“Men is nu bezig de Bijlmer nieuw leven in te blazen en daardoor wordt het overzichtelijker.  De veiligheid neemt daardoor steeds meer toe. Wel merk ik dat er voor kinderen nu minder plek is om te spelen. Alle maaivelden zijn volgebouwd, omdat huizen nu eenmaal meer geld opleveren.  Er worden nu wel meer activiteiten georganiseerd. Maar bij zwembaden, clubs en sportcentra, ben je toch gebonden aan openingstijden. Vroeger hadden we altijd genoeg plek om buiten te spelen.  Wij hadden die voorzieningen niet nodig, want we vermaakten ons prima. Er waren speeltuintjes en we konden bij elke willekeurige flat voetballen, basketballen of verstoppertje spelen in de bosjes. Dat die bosjes gekapt zijn begrijp ik wel, maar het is toch jammer dat er nu minder groen is.”
“En hoewel mijn broer en de meeste vrienden uit de buurt zijn weggetrokken, ben ik  altijd in de Bijlmer gebleven en voorlopig zie ik ook geen enkele reden om weg te gaan. Als ik vertrek, dan is het waarschijnlijk naar Suriname”
En als ik kijk hoe hij leeft, in deze luxueuze flat, die staat in een steeds mooier wordende omgeving, kan ik The King ook nauwelijks ongelijk geven.
*Bron: Tijdschrift voor de volkshuisvesting, de Metamorfose van de Bijlmer
Bronnen:
Tijdschrift voor de Volkshuisvesting, de Metamorfose van de Bijlmer
Jaarverslag 2007 en info Projectbureau Vernieuwing Bijlmermeer
Zo!Wonen
Archiefmateriaal website Stadsdeel Zuidoost
KEI Kenniscentrum
Songtekst: Grandmaster Flash, the Message
Foto’s: Eigen materiaal